Meimaand

Mei is in de Katholieke Kerk de Mariamaand. De Romeinen noemden de meimaand naar de moedergodin Maia. In de Middeleeuwen ontstond in Italië het gebruik om mei toe te wijden aan Maria, de Moeder Gods. Naast tientallen feestdagen waarop een aspect van of en gebeurtenis uit het leven van Maria wordt gevierd, heeft de Katholieke Kerk ook twee maanden aan de Moeder Gods toegewijd: mei en oktober. De meimaand is bij uitstek de Mariamaand; oktober is de maand van de Rozenkrans, de eeuwenoude oefening van het 150 maal herhalen van het Mariagebed weesgegroet. In de 13de eeuw ontstond in Italië de idee om de meimaand geheel in het teken te stellen van de verering van Maria. Tijdens de Contrareformatie waren het vooral de jezuïeten en kapucijnen die vanuit Rome dit gebruik over heel de Kerk verspreidden

Parochies besteden in de meimaand extra aandacht aan de devotie tot Maria. Dat gebeurt door het organiseren van rozenkranssessies, een bloemen- en kaarsenhulde bij Mariabeelden, het houden van Mariaprocessies en het organiseren van bedevaarten naar Mariaoorden.

Pius VII (1800-1823) was de eerste paus die deelaflaten verstrekte voor gelovigen die zich in de maand mei op bijzondere wijze toelegden op de verering van Maria. Pius IX (1846-1878) gaf er een volle aflaat voor. Aflaten zijn door de paus verleende kwijtscheldingen van tijdelijke straffen die in het Vagevuur nog moeten worden uitgeboet. Deze pauselijke gunsten betekenden in de 19de eeuw voor een groot aantal katholieken nog veel. Daardoor kreeg de viering van de Mariamaand een geweldige impuls. Pius XII (1939-1958) karakteriseerde de Mariamaand als volgt: “Het is één van de vroomheidsoefeningen die strikt genomen niet tot de Heilige Liturgie behoren maar niettemin van bijzondere waarde zijn. Ze kunnen worden beschouwd als een aanvulling op de officiële eredienst..

Weesgegroet Maria,
moeder van God, moeder van de Kerk en van alle mensen,
wil voor ons een gids en voorbeeld zijn.
Bevestig ons in het geloof
dat God ook vandaag arme en kleine mensen bevrijdt en ze blij en groot maakt.
Bid met ons mee om de gave van Gods Geest in goede en kwade dagen.
Zeg ons elke dag opnieuw :
“Doe maar wat Hij u zeggen zal”. Dan zullen wij naar Jezus’ woord en leven God beminnen, de naaste liefhebben en dienstbaar zijn aan Kerk en wereld”.
Amen.