ZALIG EN GELUKKIG NIEUWJAAR!

Op 1 januari 2021 vierden wij om 08.30 u. onze eerste eucharistie van het jaar.

Het werd een ingetogen start met de weinige mensen die er mochten bij zijn. Graag willen wij jullie allen laten delen in de homilie van pr. Boone, naar aanleiding van deze eerste eucharistie op deze eerste dag van het nieuwe jaar.

“Zag u al ooit een foto van een zonsverduistering? Dat is een fenomeen waarbij de zon achter de maan verdwijnt. De zon wordt dan schijnbaar een soort zwarte schijf, met daarrond een stralende lichtkrans. Die krans heet -o ironie- een corona.

2020 is een jaar dat we niet vlug zullen vergeten. Een groot deel van de wereld onderging toen een soort maatschappelijke zonsverduistering. Het coronavirus dat over onze planeet raasde heeft toen de mensen bang gemaakt. En het heeft op enkele weken tijd onze samenleving ingrijpend veranderd.

Culturele en sociale activiteiten werden geschorst; restaurants en cafés moesten dicht; het kerkelijk leven kwam grotendeels stil te vallen (geen vieringen meer noch doopsels). Kerkgebouwen waren gedurende vele maanden alleen nog toegankelijk voor individueel gebed of het branden van een kaars. Gelukkig konden we wel de zondagse eucharistie volgen op radio of tv, of via livestreams op het internet.

2020 was het jaar dat we onze familie niet meer mochten aanraken;  dat we vanaf meters afstand met mekaar moesten praten. Het jaar dat we niet meer op reis konden; dat we geen plannen konden maken; dat de kinderen alles via afstandsonderwijs op de pc moesten leren;  dat we overal moesten aanschuiven; dat velen nauwelijks hun kantoor hebben gezien.

Het was eveneens het jaar dat onze handen bijna uitdroogden door al de ontsmettingsgels; dat mensen niet naar het theater of de cinema konden; dat we alleen nog elkaars ogen zagen en bang waren voor mensen zonder mondmasker; dat we mekaars adem niet vertrouwden; dat we elkaar geen hand meer mochten geven. Het jaar ook waarin veel mensen zijn dood gegaan. Volgens een peiling kent één Belg op vijf wel iemand in dat (voorbije) jaar die aan corona is gestorven. En afscheid van dierbaren diende iedere keer met weinigen te gebeuren.

Wie toen  aan het virus is ontsnapt is  ook zelf vanbinnen een beetje gestorven. Volhouden; niet opgeven; je niet laten gaan; vooral niet loslaten. We hebben het toen wel duizend keer horen zeggen.

Mensen doen er altijd van alles aan om niet te sterven.; al  moeten wij er ons natuurlijk bij neerleggen dat het uiteindelijk iedereen overkomt. Maar tijdens corona lag de dood voor oud èn jong, voortdurend om de hoek. Ons redden van de dood was vele maanden de inzet van bijna al ons handelen.

Om niet opeens – en veel te vroeg  –  dood te moeten gaan, hebben we toen onze gedragingen aangepast. Zet je mondmasker op; was je handen; blijf thuis; doe aan telewerken;  bescherm je tegen anderen; vermijd het contact met anderen; raak niemand aan; nodig je kinderen niet uit; overschrijd de grens niet; doe je boodschappen in je eentje; vergeet Kerstmis en nieuwjaar.

We hebben het voorbije jaar veel  geleerd. Bv. dat virussen grenzen oversteken maar ook: veel solidariteit creëren. Rond de maatschappelijke zonsverduistering was er een lichtkrans te zien. We werden verwarmd door de stralen van vele mensen die zich voor hun medemens hebben ingezet.

We bewonderden de moed van artsen en verpleegkundigen die overuren draaiden en geen inspanning uit de weg gingen; zelfs als ze daarbij zelf gezondheidsrisico’s liepen. We waren dankbaar voor de mensen die de winkels hebben bevoorraad met levensmiddelen en medicijnen; die erover gewaakt hebben dat essentiële diensten in onze samenleving beschikbaar bleven. En we mochten ons gelukkig prijzen met hen die telefooncentrales bedienden om hulpbehoevenden bij te staan.

Mensen kunnen voor elkaar een corona zijn: niet de virus natuurlijk, maar de lichtkrans. Het is vooral op duistere momenten bij uitstek dat mensen elkaars licht kunnen zijn. ‘Als een licht ben Ik in de wereld gekomen’, zei Jezus. Wij zijn geroepen om dat licht te versterken. We kunnen er op vele manieren zijn voor een ander  … We zijn tot veel in staat  …

 

Al vele jaren beschouwen we de Westerse wereld  als een baken tegen de onveiligheid, de kwetsbaarheid en het amateurisme die elders in de wereld nog hoogtij vieren, maar in geen geval bij ons. Niet dus …

Dank zij de grote vooruitgang de voorbije halve eeuw van wetenschap en techniek waren we gaan geloven dat binnen de kortste keren voor elk probleem en elke daging  een oplossing kan worden bedacht. Het is duidelijk gebleken dat dit een illusie is. Ook DAT hebben we in 2020 geleerd; wat voor veel van onze tijdgenoten een behoorlijk verwarrende vaststelling is gebleken.

 

We vieren jaarlijks op de allereerste dag van een nieuw jaar het feest van de Moeder Gods: het oudste familiefeest binnen onze traditie. Midden alle wisselvalligheden en onverwachte wendingen van het bestaan bleef Maria haar vertrouwen in God bewaren. En bleef ze steeds een mens van hoop.

Haar leven was er een van toewijding en betrokkenheid; van ingaan op wat het leven van haar vroeg. Niets of niemand kon haar daarbij uit het veld slaan. Onverschilligheid … was haar vreemd.

 

Voor wat er ons in dit nieuwe jaar allemaal te wachten staat, kijken wij nog in een wazige spiegel. Maar mocht Maria’s levenshouding ons inspireren in dit nieuwe jaar. En moge zij ons, in wat er  op ons afkomt, altijd bijstaan. Daarvoor zullen wij in deze viering tot haar bidden. Zalig en gezegend nieuw Jaar.